Gerelateerd

vandaag2
gisteren159
deze week452
deze maand2859

Momenteel zijn 23 gasten en geen leden online

Deze site wordt u aangeboden door

Logo KH

Overstromingen

Nederland is door de eeuwen heen regelmatig getroffen door watersnoden. Het grootste gevaar ontstaat bij stormen uit noordwestelijke richting. Het door de storm opgejaagde water wordt omhoog gestuwd, omdat de smalle doorgang van het Nauw van Calais de watermassa niet snel genoeg kan afvoeren.

Welke overstromingen hebben Nederland zoal geteisterd?
Ontbreekt een overstroming, laat het ons weten!

838 26 december
Bij een stormvloed loopt een groot deel van noordwest Nederland onder (Frisia). Gebrek aan goede dijken was een belangrijke oorzaak van deze watersnoodramp. De stormvloed wordt genoemd in een geschrift van een Franse bisschop.
1170 1 november
Allerheiligenvloed. De duinenrij tussen Huisduinen en Texel brak. Texel en Wieringen werden eilanden.
1196 6 december
Sint Nicolaasvloed. Grote delen van Noord Holland komen onder water. Veel veengebieden in West-Friesland worden weggeslagen en de Zuiderzee vergroot.
1214 Stormvloed
Heel Holland wordt getroffen. Veel veen wordt weggeslagen.
1219 16 januari
Sint Marcellusvloed. Noord- en Zuid Holland, Friesland, Noord Duitsland en Engeland worden getroffen. Duizenden mensen kwamen om.
Deze stormvloed was vooral zo desastreus, omdat na de storm het water met eb niet veel zakte. Tijdens vloed wakkerde de storm nog verder aan. Hierdoor braken de overgebleven dijken alsnog grotendeels weg.
Deze combinatie, tezamen met het feit dat er vier grote stormvloeden en overstromingen waren in 50 jaar, leidde ertoe dat de binnenzeeën Zuiderzee en Waddenzee ontstonden.
Deze stormvloed was vooral zo desastreus, omdat na de storm het water met eb niet veel zakte. Tijdens vloed wakkerde de storm nog verder aan. Hierdoor braken de nog overgebleven dijken grotendeels weg. Door deze storm, en door de gevolgen van vier grote stormvloeden en overstromingen van de afgelopen 50 jaar, ontstonden de binnenzeeën Zuiderzee en Waddenzee.
1248 Tussen 19 november 1248 en 4 februari 1249
Drie stormvloeden die veel schade veroorzaken, vooral omdat deze stormvloeden zo snel op elkaar volgden. Noord en Zuid Holland leiden zware schade. Dijken breken door er zijn veel doden te betreuren.
1262 28 januari
In Friesland breken dijken, maar ook in Zeeland. Bij Axel gaat veel land verloren, de kerk van Hengstdijk moet worden verplaatst.
1287 17 december, de Sint Luciavloed
Groningen, Friesland en Zeeland worden zwaar getroffen. "Doe gheviel also zint, dat op de zestiende kalende, van Loumaent (17 dec.) God doe sende ene vloet also groot, daer vele volx in bleef doot". Eén van de grootste overstromingsrampen in Nederland, met naar schatting meer dan 50.000 doden. Deze vloed gaf de doorslag bij het ontstaan van de Waddenzee en Zuiderzee. West-Friesland werd van Friesland gescheiden. Het jaar daarop maakt de Hollandse graaf Floris V van de omstandigheden gebruik om West-Friesland te onderwerpen.
1334 23 november, Sint Clemensvloed
Zeeland lijdt veel schade. Het eiland Wulpen gaat verloren. Ook Walcheren lijdt ernstige schade evenals het land van Saeftinge.
1375 8 oktober
Philips van Leyden spreekt over een verschrikkelijke storm. Heel Nederland wordt getroffen.
1404 19 november, de Eerste Sint Elisabethvloed
Zeeland wordt getroffen door de ernstigste stormvloed sinds 1375. Op Walcheren ging land verloren. In het graafschap Vlaanderen spoelden alle kusteilandjes in de monding van de Westerschelde.
Na deze ramp gaf Jan zonder Vrees, hertog van Bourgondië, het bevel de bestaande dijken te verbinden tot één grote dijk die van het noorden van het graafschap tot het zuiden liep. Dit verklaart waarom de Belgische kustlijn zo recht is.
De vloed werd zo genoemd, omdat zij op de naamdag viel van de heilige Elisabeth.
1421 November
Een bijzonder zware noordwesterstorm gevolgd door een zeer hoge stormvloed. Door het natte weer stond het water in de rivieren al zeer hoog. Dijkdoorbraken en overstromingen richtten in Zeeland en Holland grote verwoestingen aan, waarbij zeker tweeduizend mensen de dood vonden. Er is vooral veel schade op Walcheren, Noord- en Zuid-Beveland, Tholen en Schouwen. 72 dorpen zijn verdronken. Door deze vloed werden de elkaar bestrijdende steden Geertruidenberg en Dordrecht gescheiden. (Hoekse en Kabeljauwse twisten).
In de nacht van 18 op 19 november 1421 braken dijken van de toenmalige Grote of Zuid-Hollandse Waard, het ontstaan van de Biesbosch. Het duurde nog tientallen jaren voor het gehele gebied onder water stond en verworden was tot de Biesbosch met zijn kreken en riet.
1424 18 november, de Derde Sint Elisabethvloed
Veel schade aan de oostkant van Walcheren. Rond Vlissingen ontstaat een dijkbreuk. In het gebied van de Westerschelde, vooral aan de zuidkant, is de schade rampzalig. Het is de grootste ramp in de 15e eeuw en misschien wel de grootste gedurende de tweede helft van de Middeleeuwen.
1530 5 november, Sint Felixvloed
Tijdens de vloed breekt de Westkapelse zeedijk op Walcheren en op Zuid Beveland loopt de stad Reimerswaal onder, 404 parochies verdrinken.
1532 2 november
De schade is nog erger dan in 1530. De stormvloed treedt op bij doodtij. Er zijn dijkdoorbraken op Walcheren in het zuidwesten en noordoosten. De eilanden Schouwen en Tholen worden zwaar getroffen en het eiland Noord-Beveland verdrinkt.
1570 1 november, Allerheiligenvloed
Deze vloed veroorzaakt veel schade op Walcheren. De Oosternieuwlandpolder gaat verloren. Er zijn veel doden tengevolge van de overstromingen. Concrete cijfers voor Zeeland worden niet genoemd, maar in Friesland zouden er 3.000 slachtoffers zijn, dat cijfer wordt betrouwbaar genoemd. De vloed teistert ook Noord en Zuid Holland.
Een lange periode van storm zwiept het water tot ongekende hoogten, nog hoger dan die bij de watersnoodramp 1953. Talloze dijken aan de Hollandse kusten begeven het, waardoor zich enorme overstromingen voordoen en een reusachtige ravage wordt aangericht. Het totale aantal doden, het buitenland meegerekend, moet boven de 20.000 hebben gelegen, maar precieze gegevens zijn niet bekend. Tienduizenden mensen werden dakloos, veestapels verzwolgen en wintervoorraden vernietigd. De Allerheiligenvloed markeert het ontstaan van het Verdronken Land van Saeftinge.
1624

Dijkdoorbraak bij 't Waal

Grote delen van Utrecht en Zuidholland zijn overstroomd.

In Harmelen is een oude gedenksteen ingemetseld, die verwijst naar deze dijkdoorbraak, met de tekst: DE HOECTE VAN DE LECK 1624. 

1675 4 november
Een storm brengt schade toe in Noord Holland, waaronder Huisduinen, Halfweg, Amsterdam, Naarden, Muiden en Weesp. Bij Scharwoude in West-Friesland begeeft de Omringdijk het, grote stukken land lopen onder water.
1686 22 en 23 november, Sint Maartensvloed
Met noordwesterstorm stroomt het water de provincie Groningen binnen. Noord Groningen en het Oldambt stroomden onder, maar ook andere delen van de provincie worden getroffen. Er komen 1.558 mensen om.
1703 Van 7 tot 9 december
De ramp heeft duizenden slachtoffers tot gevolg. De storm, hoog water en zwaar onweer leiden niet alleen tot enorme schade maar ook tot tal van dijkdoorbraken. Getroffen werden Wales, het midden en zuiden van Engeland, het Noordzeegebied, de Lage Landen en Noord-Duitsland.
1716 14 en 15 november
Overstromingen in Noord en Zuid Holland.
1716 22 november
In Zuid Oost Gelderland en Overijssel stromen de rivierdijken over.
1717 25 december, Kerstvloed
In de Kerstnacht van 1717 breekt een hevige noordwesterstorm los die het kustgebied van Nederland, Duitsland en Scandinavië teistert. Er komen 11.000 mensen om het leven. Het water stroomt ook Amsterdam en Haarlem binnen, evenals de gebieden rond Dokkum en Stavoren. In Vlieland stroomt de zee over de duinen waardoor het al eerder beschadigde dorp West-Vlieland bijna geheel verloren gaat.
1808 15 januari
Overstromingen in Zeeland.
1820 23 januari
Grote delen van de Alblasserwaard overstromen na een aantal dijkdoorbraken. Ook de sluis tussen de Linge en het kanaal van Steenenhoek te Gorinchem bezwijkt. Een gebied ter grootte van ongeveer 1.300 km2 komt onder water te staan. Deze overstroming was aanleiding voor het instellen van een commissie die een verbeteringsplan voor de rivieren moest ontwerpen.
1825 Overstromingen in Noord Holland, Groningen, Friesland en Overijssel. Er vielen ruim 800 doden.
1849 Zuid Hollandse eilanden worden geteisterd door storm en overstromingen.
1855 3 maart
Door hoge waterstanden en kruiend ijs breken op veel plaatsen in het rivierengebied de dijken. Vooral het Land van Maas en Waal en de Gelderse Vallei worden getroffen, maar ook in de Betuwe en Noord-Brabant loopt land onder water.
1906 De polders langs de Wester en Oosterschelde komen onder water.
1916 13 januari, De Zuiderzeevloed
Het eiland Marken, een gedeelte van de Gelderse Vallei (Eemnes, Spakenburg, Bunschoten, Amersfoort), het gebied rond Edam, Purmerend, Broek in Waterland en Durgerdam worden getroffen. Ook bij de Anna Paulownapolder breken de dijken door. Het aantal slachtoffers is beperkt, maar de overstroming vormen aanleiding om de Zuiderzeewerken (Afsluitdijk) uit te voeren.
1926 December en januari
Na een zeer koude novembermaand met veel sneeuwbuien, vertoonde december 1925 veel dooi en regen. Als gevolg hiervan stijgt het water van de rivieren Maas en Waal enorm. Op oudejaarsnacht breekt de dijk bij Grave, het Land van Maas en Waal loopt onder. In de dagen daarna overstromen grote delen van het rivierengebied van Waal, Maas en IJssel. In januari wordt bij Lobith de hoogste rivierafvoer bereikt die ooit is gemeten: 12.849 m3 per seconde.
1944 3 oktober
Engelse en Amerikaanse bommenwerpers bombarderen de Westkapelse zeedijk. De aanval vindt plaats tijdens springvloed, zodat het water snel Walcheren binnendringt. In de dagen daarop worden ook andere dijken gebombardeerd. Doel is het verdrijven van de Duitse soldaten uit hun stellingen, om zo de route naar de haven van Antwerpen vrij te maken. Tientallen mensen komen om door de bommen of verdrinking. Pas begin 1946 lukt het om Walcheren weer droog te leggen. Hierbij worden voor het eerst caissons gebruikt.
1953 Nacht van 31 januari op 1 februari 1953
De watersnoodramp van 1953, ook wel de Beatrixvloed of de Sint Ignatiusvloed
Springtij en een noordwesterstorm stuwen het water in de Noordzee op tot recordhoogte. Een groot deel van de provincie Zeeland, West-Brabant en de Zuid-Hollandse eilanden overstromen. Meer dan 1.800 mensen en veel dieren verdrinken. 100.000 mensen verliezen hun huis en bezittingen.
Ook in Engeland, België en Duitsland vallen honderden slachtoffers door overstromingen.
Veel mensen op zee verdrinken door schipbreuk.
1960 14 januari
De dijk van een zijtak van het Noordzeekanaal bezwijkt. Hierdoor stroomt Tuindorp Oostzaan onder water. Ongeveer 15.000 mensen moeten hun huizen noodgedwongen verlaten.
1984 Februari
Bij Borgharen staat de Maas 45,44 meter boven NAP. De Maasdorpen Itteren en Borgharen en verder stroomafwaarts Baarlo, Blerick, Velden en Mook lopen onder. Met name de landbouw loopt grote schade op.
1993 December 1993
Na een periode van aanhoudende regen in het stroomgebied van de Maas, wordt Limburg getroffen door ongekend hoge waterstanden van de Maas. Ongeveer 8% (18.000 ha) van de oppervlakte van de provincie Limburg staat onder water. Ook enkele Brabantse gemeente kampen met wateroverlast. Ongeveer 8000 mensen worden geëvacueerd. De totale schade bedraagt 254 miljoen gulden. Ook de emotionele schade van de overstroming is groot.
1995 Januari
Door de hoge rivierafvoeren (Rijn bijna 12.000 m3 per seconde, Maas 2.870 m3 per seconde) dreigen op verschillende plaatsen de rivierdijken te bezwijken, onder andere bij Ochten. Ruim 250.000 mensen worden geëvacueerd uit het Land van Maas en Waal en de Betuwe. Uiteindelijk houden de dijken het net en na ruim een week kunnen de bewoners naar hun huizen terug. Buitendijkse dorpen langs de Maas lopen wel onder, onder andere Borgharen.
Deze gebeurtenissen zijn aanleiding voor het Deltaplan Grote Rivieren en later Ruime voor de Rivier.
1998 Juni
Wateroverlast door overmatige regenval, binnen 24 uur viel er meer dan 100-125 mm regen. Het is de natste juni van de eeuw.
2003 26 augustus
Door de aanhoudende droogte ontstaat er een zwakke plek in een veendijk bij Wilnis. De dijk schuift over een lengte van 60 meter van zijn plek. Het dorp stroomt vol en 1.500 mensen moeten op stel en sprong geëvacueerd worden. De schade bedraagt 15 miljoen euro.
2004 27 januari
Een breuk in de waterleiding zorgt voor een dijkverzakking bij Stein. Hierdoor dreigt een overstroming vanuit het Julianakanaal. 543 inwoners uit 216 woningen van Oud-Stein worden geëvacueerd.
2006 Van 31 oktober op 1 november, Allerheiligenvloed

Er woedde in Noord Nederland en Duitsland de zwaarste storm sinds 1990. Deze storm is de geschiedenis ingegaan als de Allerheiligenvloed van 2006. Bij Delfzijl is een waterstand van 4,83 m boven NAP gemeten, de hoogst bekende waterstand te Delfzijl ooit. Het record van daarvoor was 4,63 m boven NAP en dateert van 1825 (ruim 8700 doden). Op de pier in het Friese Holwerd waar de veerboot naar Ameland vertrekt, dreven door de stormvloed auto's de Waddenzee in. In Marrum verdronken op de kwelder twintig paarden. Ruim honderd andere paarden waren door het, door de storm veroorzaakte, hoge water ingesloten, wat leidde tot een reddingsactie. Dankzij het Deltaplan waren de dijken verhoogd en ontstonden er, ondanks de hoge waterstanden, geen overstromingen binnendijks in Nederland.

2007 8 november Maeslantkering dicht
De kust wordt geteisterd door noordwesterstorm met windstoten van wel 100 km/uur. Het waterpeil stijgt naar 327 cm boven NAP. Rijkswaterstaat besluit de Maeslantkering te sluiten, voor het eerst sinds haar voltooiing in 1997. Ook de Oosterschelde wordt vanwege het noodweer afgesloten, de 24e keer in 21 jaar dat de Zeeuwse zeewering dicht gaat.
aantal

diverse watersnoden in Groningen

Zie de website van een gepensioneerde Rijkswaterstater.