vandaag149
gisteren136
deze week285
deze maand2692

Momenteel zijn 4 gasten en geen leden online

Deze site wordt u aangeboden door

Logo KH

Internationaal

Water houdt zich niet aan grenzen. Wat er in de Alpen gebeurt kan heel goed van invloed zijn op het waterbeheer in Nederland. Daarom zijn internationale afspraken een essentieel onderdeel van waterbeleid en -beheer.

Het oudste waterverdrag is het Verdrag van Arnhem uit 1771, waarin de Republiek en Pruisen afspraken maakten over dijkonderhoud en de waterverdeling tussen Rijn en Waal. Na moeizame onderhandelingen, dat spreekt haast vanzelf.

Op deze pagina vindt u een overzicht van de belangijkste internationale waterverdragen na de 2e wereldoorlog.

1960 Eems-Dollardverdrag
Vertegenwoordigers van Rijkswaterstaat en hun Duitse tegenhanger regelen het uitbaggeren van de vaargeul, de markering van de vaarweg en andere scheepvaartzaken. In 1996 kwam daarbij een regeling van de natuurstatus van het gebied in het zogenaamde milieuprotocol.

1960 Verdrag verbetering kanaal van Terneuzen naar Gent

1963 Verdrag verbinding Schelde en Rijn

1963 Overeenkomst ter bescherming van de Rijn tegen verontreinigingen

1969 Bonn Agreement
De Noordzeelanden werken samen bij de bestrijding van olie- en chemicalieënrampen op zee.

1972 Verdrag van Londen
Regelt het storten van afval en andere stoffen op zee. Het Verdrag definieert storten als het zich opzettelijk ontdoen van afval vanaf schepen of uit luchtvaartuigen. Operationele lozingen vanaf schepen of uit luchtvaartuigen vallen niet onder dit verdrag.

1972 Verdrag van Oslo
Ter voorkoming verontreiniging van de zee door dumping.

1973 Marine Pollution (MARPOL)
Een internationaal verdrag ter voorkoming van verontreiniging door schepen. MARPOL staat voor 'MARine POLution' (zeevervuiling).

1974 Verdrag van Parijs
Is gericht op het voorkomen en beëindigen van verontreiniging en op het beschermen van het zeegebied tegen de schadelijke gevolgen van menselijke activiteiten.

1976 Rijnchemieverdrag
De verontreiniging van de Rijn door chemische stoffen wordt met dit verdrag aangepakt.

1982 Verdrag van de Verenigde Naties inzake het recht van zee.
Wordt ook wel Zeerechtverdrag genoemd. Het biedt een alomvattend juridisch kader voor het gebruik van de oceanen. Een aantal bestaande verdragen waarbij Nederland partij is, zoals MARPOL, kunnen gezien worden als een nadere uitwerking.

1990 Rijnvaartregelingen

1990 Oil Pollution Preparedness, Response and Cooperation (OPRC)
Internationale samenwerking op het gebied van oliebestrijding.

1992 Biodiversiteitsverdrag
Verbindt ecologische, economische en sociale vraagstukken en is daarmee een van de verst-reikende internationale overeenkomsten ooit gesloten. De hoofddoelstellingen van het verdrag: Behoud van biodiversiteit, duurzaam gebruik van biodiversiteit, rechtvaardige verdeling van genetische bronnen.

1992 Herzieningen en samenvoeging Verdragen Oslo en Parijs (OSPAR)
De verdragen van Oslo en Parijs (OSPAR) gaan over de bescherming van het zeemilieu in het noord-oost Atlantische gebied, inclusief de Waddenzee. Het Verdrag is ondertekend in Parijs in september 1992 door de EG en een aantal lidstaten.

1992 Verdrag van Helsinki
Gericht op de preventie van, het voorbereid zijn op, en de bestrijding van industriële ongevallen waarbij gevaarlijke stoffen betrokken zijn die grensoverschrijdende gevolgen kunnen hebben. Het stelt nadere procedures vast voor internationale samenwerking.

1994 Bescherming Schelde
Een internationale commissie gevormd door Nederland, Frankrijk en het Vlaamse, Waalse en Brusselse Gewest ziet toe op het behoud en de verbetering van de kwaliteit van het Scheldewater.

1994 Bescherming Maas
Een internationale commissie gevormd door Nederland, Frankrijk en het Vlaamse, Waalse en Brusselse Gewest ziet toe op het behoud en de verbetering van de kwaliteit van het Maaswater.

1995 Westerscheldeverdiepingsverdrag
Het verdrag bepaalt dat de vaarmogelijkheden worden uitgebreid naar ‘48’/43’/38’ voet’. In het kader van het verdrag worden vier grote werken uitgevoerd: het verwijderen van wrakken en obstakels, het plaatselijk met baggeren verruimen van de vaargeul, het plaatselijk verdedigen van de geulranden en het uitvoeren van compensatiewerken in verband met het verlies van natuurwaarden.

1995 Verdrag afvoer water van de Maas
Verdrag tussen Nederland en België over de afvoer van het water in de Maas.

1996 Scheepsafvalstoffenverdrag Rijn- en binnenvaart
Verdrag tussen Duitsland, België, Frankrijk, Luxemburg, Nederland en Zwitserland inzake de verzameling, afgifte en inname van afval in de Rijn- en Binnenvaart. Dit verdrag is de basis voor het invoeren van internationaal afgestemde uniforme afvalstoffenregelgeving voor de Rijn- en Binnenvaart.

1996 Eems-Dollard milieuprotocol
Afspraken tussen Nederland en Duitsland over toepassing van het natuurbeleid in het Eems-Dollardgebied.

1997 Raamverdrag van de Verenigde Naties inzake klimaatverandering
Verdrag dat ervoor moet zorgen dat het gehalte aan broeikasgassen in de atmosfeer op zo'n niveau wordt gehouden dat er geen 'gevaarlijke' wijzigingen in het klimaat optreden, om op die manier het klimaatsysteem te vrijwaren voor de huidige en toekomstige generaties.

1998 Protocol inzake persistente organische verontreinigende stoffen (POP’s)
Het doel van het protocol is het beheersen, terugdringen of elimineren van lozingen, emissies en verliezen van persistente organische verontreinigende stoffen die ten gevolge van hun grensoverschrijdende verplaatsing door de lucht over lange afstand aanzienlijke nadelige gevolgen hebben voor de volksgezondheid of het milieu.

2000 Kaderrichtlijn water (afgekort KRW)
Een Europese richtlijn die ervoor moet zorgen dat de kwaliteit van het oppervlakte- en grondwater in 2015 op orde is. In het verleden zijn vele Europese richtlijnen op het gebied van water verschenen. De Kaderrichtlijn water moet eenheid brengen in deze verschillende soorten regels. Eind 2009 stelt iedere lidstaat per stroomgebied (of deel daarvan wat binnen zijn landsgrenzen ligt) een stroomgebiedbeheerplan vast en vervolgens iedere zes jaar.

2006 Europese Zwemwaterrichtlijn
Deze richtlijn vervangt de zwemwaterrichtlijn uit 1976. De richtlijn geeft strengere regels om ervoor te zorgen dat het zwemwater schoner wordt, ook de informatievoorziening aan zwemmers verbetert. Zo komen er in de buurt van zwemwater borden met daarop de kwaliteit van het water. In Nederland zijn er ongeveer 650 zwemwaterlocaties.

2007 EU Hoogwaterrichtlijn (Richtlijn Overstromingsrisico's, afgekort ROR)
Het doel van de Hoogwaterrichtlijn is het reduceren van het aantal slachtoffers en de financiele gevolgen van overstromingen. Eén van de uitgangspunten is dat gebieden niet hun overstromingsrisico op andere (benedenstroomse) gebiden mogen afwentelen. De Hoogwaterrichtlijn schrijft o.a. een overstromingsrisicobeoordeling voor (2011 gereed) en het opstellen van overstromingsrisico-beheerplannen (2015 gereed) als onderdeel van de tweede generatie stroomgebiedbeheerplannen (zie KRW).

2006 Grondwaterrichtlijn (GWR)
Als dochterrichtlijn van de KRW is de grondwaterrichtlijn een nadere uitwerking specifiek voor grondwater. De GWR verplicht lidstaten om in het stroomgebiedbeheerplan apart aandacht te besteden aan grondwater, waaronder de huidige toestand en mogelijke bedreigingen die ervoor zorgen dat het grondwater op termijn niet in de goede toestand is of kan worden gebracht. Met de GWR is ook expliciet de link gelegd tussen bodembescherming en (duurzaam) grondwaterbeheer.

2008 Europese Kaderrichtlijn Mariene Strategie
De Europese Commissie heeft in juni 2008 een voorstel voor een Europese Mariene Strategie (EMS) en de bijbehorende Kaderrichtlijn Marien (KRM) vastgesteld. De KRM moet zorgen voor een eenduidig beschermingsregime in alle Europese zeeën en een goede milieutoestand in 2021. De lidstaten zullen Europese Mariene Regio’s instellen en daarvoor doelstellingen en maatregelen formuleren. Voor alle belangrijke maatregelen in het zeegebied is een effectrapportage verplicht.
De uitvoering van de KRM zal waarschijnlijk via de Regionale Zeeverdragen (zoals OSPAR) verlopen.